Mondelinge taal
Leren communiceren met gebaren, woorden, picto’s, gesproken taal begrijpen en gebruiken (zinsbouw, denkrelaties, rijmen, geheugen).
Lezen

Begrijpend lezen (picto’s), begrijpend luisteren, leesbegrippen, woord en teksten en lezen van boeken. Als gewoon lezen niet lukt, kijken we naar alternatieve manieren zoals signaallezen.
Schriftelijke taal

Letters schrijven, handschriftontwikkeling, spellen en tekstverwerken op de computer.
Rekenen
Vergelijken van hoeveelheden, de telrij, cijfers en getallen, rekensommen, klokkijken, meten en wegen en geld rekenen.